Lintopdrachten overslaan
Verdergaan naar hoofdinhoud
  
  
  
  
  
Document-id
  
Omschrijving
  
  
  
  
  
  
  
  
  
  
Aantal= 633
19 Hoelang duurt het van hier naar daarconcept27-08-10.pdf
  
26-8-2013 10:05Geen aanwezigheidsgegevensAllard StrijkerRekenboog 1.0SLODOC-1-1613Een passende tijdseenheid kiezen bij een gebeurtenis (bv. seconde, uur, dag)
3. Tijd3.1-2 Vaste tijdstippen op analoge en/of digitale klokken aflezen en daarmee een dagindeling verbinden113.De leerlingen leren omgaan met tijd in alledaagse situaties.Toepassingen, eenvoudige berekeningen
les 16 Post ontvangen.pdf
  
23-8-2013 10:35Geen aanwezigheidsgegevensAllard StrijkerRekenboog 1.0SLODOC-1-1312Tastbare hoeveelheden (t/m 10) tellen en benoemen
1. Hoeveelheidbegrippen1.2 Hoeveelheden aan getallen koppelen031.De leerlingen leren hoeveelheidbegrippen gebruiken en herkennen.Hoeveelheden t/m 10
les 17 Eieren roven.pdf
  
23-8-2013 10:35Geen aanwezigheidsgegevensAllard StrijkerRekenboog 1.0SLODOC-1-1313
les 17 Samen  5.pdf
  
23-8-2013 10:35Geen aanwezigheidsgegevensAllard StrijkerRekenboog 1.0SLODOC-1-1314Hoeveelheden (t/m 10) op een afbeelding tellen en benoemen
1. Hoeveelheidbegrippen1.2 Hoeveelheden aan getallen koppelen031.De leerlingen leren hoeveelheidbegrippen gebruiken en herkennen.Hoeveelheden t/m 10
les 17 Soep maken - KB B3 en B4.pdf
  
23-8-2013 10:35Geen aanwezigheidsgegevensAllard StrijkerRekenboog 1.0SLODOC-1-1315Binnen een context weten wat bedoeld wordt met begrippen als niets-alles (allemaal), veel-weinig, meer-minder, evenveel, samen
1. Hoeveelheidbegrippen1.1 Begrippen toepassen voor het aangeven van aantallen en het uitvoeren van bewerkingen031.De leerlingen leren hoeveelheidbegrippen gebruiken en herkennen.Hoeveelheidsbegrippen
les 17 Zinvolle contexten benutten.pdf
  
23-8-2013 10:35Geen aanwezigheidsgegevensAllard StrijkerRekenboog 1.0SLODOC-1-1316Kleine tastbare hoeveelheden (t/m 2) tellen en benoemen
1. Hoeveelheidbegrippen1.2 Hoeveelheden aan getallen koppelen011.De leerlingen leren hoeveelheidbegrippen gebruiken en herkennen.Hoeveelheden t/m 10
les 18 Borden vergelijken.pdf
  
23-8-2013 10:35Geen aanwezigheidsgegevensAllard StrijkerRekenboog 1.0SLODOC-1-1317
les 18 Spel met paaseitjes.pdf
  
23-8-2013 10:35Geen aanwezigheidsgegevensAllard StrijkerRekenboog 1.0SLODOC-1-1318Tastbare hoeveelheden (t/m 10) tellen en benoemen
1. Hoeveelheidbegrippen1.2 Hoeveelheden aan getallen koppelen031.De leerlingen leren hoeveelheidbegrippen gebruiken en herkennen.Hoeveelheden t/m 10
les 18 Wie heeft meer - KB B5.pdf
  
23-8-2013 10:35Geen aanwezigheidsgegevensAllard StrijkerRekenboog 1.0SLODOC-1-1319Binnen een context weten wat bedoeld wordt met begrippen als niets-alles (allemaal), veel-weinig, meer-minder, evenveel, samen
1. Hoeveelheidbegrippen1.1 Begrippen toepassen voor het aangeven van aantallen en het uitvoeren van bewerkingen031.De leerlingen leren hoeveelheidbegrippen gebruiken en herkennen.Hoeveelheidsbegrippen
les 19 Boodschappen - steeds (zes).pdf
  
23-8-2013 10:35Geen aanwezigheidsgegevensAllard StrijkerRekenboog 1.0SLODOC-1-1320Binnen een context weten wat bedoeld wordt met begrippen als niets-alles (allemaal), veel-weinig, meer-minder, evenveel, samen
1. Hoeveelheidbegrippen1.1 Begrippen toepassen voor het aangeven van aantallen en het uitvoeren van bewerkingen031.De leerlingen leren hoeveelheidbegrippen gebruiken en herkennen.Hoeveelheidsbegrippen
les 19 Een zakje paaseitjes.pdf
  
23-8-2013 10:35Geen aanwezigheidsgegevensAllard StrijkerRekenboog 1.0SLODOC-1-1321(Actief) hanteren van begrippen als erbij, eraf, alle, geen, niets, veel, weinig, meer, minder, evenveel, één meer, één minder, een paar, genoeg
1. Hoeveelheidbegrippen1.1 Begrippen toepassen voor het aangeven van aantallen en het uitvoeren van bewerkingen041.De leerlingen leren hoeveelheidbegrippen gebruiken en herkennen.Begrippen voor het uitvoeren van bewerkingen
les 14 Waar past de twee.pdf
  
23-8-2013 10:35Geen aanwezigheidsgegevensAllard StrijkerRekenboog 1.0SLODOC-1-1302De getalsymbolen t/m 3 herkennen en benoemen
2. Rekenhandelingen2.3 Getallen lezen, noteren en vergelijken022.De leerlingen leren rekenhandelingen uitvoeren voor het functioneren in alledaagse situaties.Getallen t/m 10
les 15 Spel met paaseitjes.pdf
  
23-8-2013 10:35Geen aanwezigheidsgegevensAllard StrijkerRekenboog 1.0SLODOC-1-1303
les 15 Vingerpoppen.pdf
  
23-8-2013 10:35Geen aanwezigheidsgegevensAllard StrijkerRekenboog 1.0SLODOC-1-1304Kleine tastbare hoeveelheden (t/m 5) tellen en benoemen
1. Hoeveelheidbegrippen1.2 Hoeveelheden aan getallen koppelen021.De leerlingen leren hoeveelheidbegrippen gebruiken en herkennen.Hoeveelheden t/m 10
les 15 Waar zie je de twee.pdf
  
23-8-2013 10:35Geen aanwezigheidsgegevensAllard StrijkerRekenboog 1.0SLODOC-1-1305De getalsymbolen t/m 3 herkennen en benoemen
2. Rekenhandelingen2.3 Getallen lezen, noteren en vergelijken022.De leerlingen leren rekenhandelingen uitvoeren voor het functioneren in alledaagse situaties.Getallen t/m 10
Les 15 Wat is een centimeter (31 01 11).pdf
  
23-8-2013 10:35Geen aanwezigheidsgegevensAllard StrijkerRekenboog 1.0SLODOC-1-1306De begrippen meter (m) en centimeter (cm) kennen en in de juiste context gebruiken
4. Meten en wegen4.1-3 Lengte084.De leerlingen leren meten en wegen en leren omgaan met meetinstrumenten, gangbare maten en eenheden.Meter en centimeter, meetlint en liniaal
les 15Bloementuin totale hoeveelheid bepalen.pdf
  
23-8-2013 10:35Geen aanwezigheidsgegevensAllard StrijkerRekenboog 1.0SLODOC-1-1307Binnen een context weten wat bedoeld wordt met begrippen als niets-alles (allemaal), veel-weinig, meer-minder, evenveel, samen
1. Hoeveelheidbegrippen1.1 Begrippen toepassen voor het aangeven van aantallen en het uitvoeren van bewerkingen031.De leerlingen leren hoeveelheidbegrippen gebruiken en herkennen.Hoeveelheidsbegrippen
les 16 1, 2 en 3 in verschillende vormen - KB A3, A4 en A5.pdf
  
23-8-2013 10:35Geen aanwezigheidsgegevensAllard StrijkerRekenboog 1.0SLODOC-1-1308De getalsymbolen t/m 3 herkennen en benoemen
2. Rekenhandelingen2.3 Getallen lezen, noteren en vergelijken022.De leerlingen leren rekenhandelingen uitvoeren voor het functioneren in alledaagse situaties.Getallen t/m 10
les 16 Een zakje paaseitjes.pdf
  
23-8-2013 10:35Geen aanwezigheidsgegevensAllard StrijkerRekenboog 1.0SLODOC-1-1309
les 16 Hoeveel vingers steek ik op -2.pdf
  
23-8-2013 10:35Geen aanwezigheidsgegevensAllard StrijkerRekenboog 1.0SLODOC-1-1310Kleine tastbare hoeveelheden (t/m 5) tellen en benoemen
1. Hoeveelheidbegrippen1.2 Hoeveelheden aan getallen koppelen021.De leerlingen leren hoeveelheidbegrippen gebruiken en herkennen.Hoeveelheden t/m 10
Les 16 Meten met je meetlint_ronde dingen (31 01 11).pdf
  
23-8-2013 10:35Geen aanwezigheidsgegevensAllard StrijkerRekenboog 1.0SLODOC-1-1311De begrippen meter (m) en centimeter (cm) kennen en in de juiste context gebruiken
4. Meten en wegen4.1-3 Lengte084.De leerlingen leren meten en wegen en leren omgaan met meetinstrumenten, gangbare maten en eenheden.Meter en centimeter, meetlint en liniaal
les 19 Postbode.pdf
  
23-8-2013 10:35Geen aanwezigheidsgegevensAllard StrijkerRekenboog 1.0SLODOC-1-1322
les 20 Boodschappen - kopen waar er (zes) van zijn.pdf
  
23-8-2013 10:35Geen aanwezigheidsgegevensAllard StrijkerRekenboog 1.0SLODOC-1-1323Binnen een context weten wat bedoeld wordt met begrippen als niets-alles (allemaal), veel-weinig, meer-minder, evenveel, samen
1. Hoeveelheidbegrippen1.1 Begrippen toepassen voor het aangeven van aantallen en het uitvoeren van bewerkingen031.De leerlingen leren hoeveelheidbegrippen gebruiken en herkennen.Hoeveelheidsbegrippen
les 20 Eieren roven.pdf
  
23-8-2013 10:35Geen aanwezigheidsgegevensAllard StrijkerRekenboog 1.0SLODOC-1-1324Tastbare hoeveelheden (t/m 10) tellen en benoemen
1. Hoeveelheidbegrippen1.2 Hoeveelheden aan getallen koppelen031.De leerlingen leren hoeveelheidbegrippen gebruiken en herkennen.Hoeveelheden t/m 10
les 20 Hoeveelheden bijhouden.pdf
  
23-8-2013 10:35Geen aanwezigheidsgegevensAllard StrijkerRekenboog 1.0SLODOC-1-1325
les 21 Gevonden spullen.pdf
  
23-8-2013 10:35Geen aanwezigheidsgegevensAllard StrijkerRekenboog 1.0SLODOC-1-1326
les 21 Op welke foto zie je (zes) eieren - KB B6a en KB6b en B7.pdf
  
23-8-2013 10:35Geen aanwezigheidsgegevensAllard StrijkerRekenboog 1.0SLODOC-1-1327Binnen een context weten wat bedoeld wordt met begrippen als niets-alles (allemaal), veel-weinig, meer-minder, evenveel, samen
1. Hoeveelheidbegrippen1.1 Begrippen toepassen voor het aangeven van aantallen en het uitvoeren van bewerkingen031.De leerlingen leren hoeveelheidbegrippen gebruiken en herkennen.Hoeveelheidsbegrippen
les 11 Spel - Wie gooit er (drie) stippen.pdf
  
23-8-2013 10:35Geen aanwezigheidsgegevensAllard StrijkerRekenboog 1.0SLODOC-1-1284Binnen een context weten wat bedoeld wordt met begrippen als niets-alles (allemaal), veel-weinig, meer-minder, evenveel, samen
1. Hoeveelheidbegrippen1.1 Begrippen toepassen voor het aangeven van aantallen en het uitvoeren van bewerkingen031.De leerlingen leren hoeveelheidbegrippen gebruiken en herkennen.Hoeveelheidsbegrippen
les 11 Waar voel je twee stuks.pdf
  
23-8-2013 10:35Geen aanwezigheidsgegevensAllard StrijkerRekenboog 1.0SLODOC-1-1285Het begrip 'hoeveel' kennen als aanduiding om een aantal te bepalen
1. Hoeveelheidbegrippen1.1 Begrippen toepassen voor het aangeven van aantallen en het uitvoeren van bewerkingen021.De leerlingen leren hoeveelheidbegrippen gebruiken en herkennen.Hoeveelheidsbegrippen
les 11Kinderen erbij en eraf .pdf
  
23-8-2013 10:35Geen aanwezigheidsgegevensAllard StrijkerRekenboog 1.0SLODOC-1-1286Binnen een context weten wat bedoeld wordt met begrippen als niets-alles (allemaal), veel-weinig, meer-minder, evenveel, samen
1. Hoeveelheidbegrippen1.1 Begrippen toepassen voor het aangeven van aantallen en het uitvoeren van bewerkingen031.De leerlingen leren hoeveelheidbegrippen gebruiken en herkennen.Hoeveelheidsbegrippen
1 - 30Volgende